Elke werkdag reizen miljoenen mensen van huis naar werk en terug: de grootste beïnvloedbare verkeerstroom die we kennen. Als werkgevers hun beleid aanpassen, verandert er echt iets op de weg en het spoor. Maar de overheid kan dat niet alleen afdwingen. Werkgevers hebben iets wat de overheid niet heeft: direct zicht op hoe hun medewerkers reizen en de mogelijkheid om dat te veranderen. Die kennis combineren Rosa Hillebron van de Vervoerregio Amsterdam en kwartiermaker Annemieke Stoppelenburg in een nieuwe werkgeversaanpak, binnen het programma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid (SBaB). Zij vertellen hier graag meer over.

Elke werkgever is welkom

“Sinds december 2025 zijn we bezig met deze nieuwe aanpak, door samen te werken met verschillende SBaB-partners”, vertelt Annemieke. “Er reizen zoveel miljoenen mensen dagelijks door Noord-Holland en Flevoland, en er zijn veel piekmomenten op de dag op de weg en op het spoor. Werkgevers zitten het dichtst op het reisgedrag van hun medewerkers, zonder hen kom je niet verder. Daarom vinden wij het belangrijk dat we werkgevers goed betrekken om te kijken wat zij kunnen doen.” “Hierbij zijn alle werkgevers welkom, vult Rosa aan. “De drempel is laag. Of je nu tien of tienduizend medewerkers hebt, er is altijd iets wat je kunt doen. We merken nu bijvoorbeeld dat veel zorginstellingen zich bij ons aanmelden, maar wij staan echt open voor iedereen.” Uiteraard is de focus hierbij wel op werkgevers die daadwerkelijk de mogelijkheden hebben tot het spreiden en mijden van drukte, juist zodat de (spoor)wegen vrij kunnen worden gemaakt voor de sectoren die dat niet kunnen. “We proberen ook echt maatwerk te leveren voor werkgevers”, licht Annemieke toe, “dus voor de MKB’s zonder mobiliteitsadviseur ontwikkelen we kant-en-klare bouwstenen, zodat ook een klein bedrijf morgen al een fietsbeleid kan invoeren.”

Meer weten over de werkgeversaanpak?

Vind alle informatie en hulpmiddelen op ons platform.

Naar het platform

Gebiedsgericht werken

Een lage drempel betekent niet dat er geen strategie achter de aanpak zit. Juist door gebiedsgericht te werken ontstaat er schaal. Rosa: “Werkgevers in hetzelfde gebied hebben te maken met dezelfde files, hetzelfde treinstation, hetzelfde fietspad. Dus als je ze apart benadert doe je drie keer hetzelfde werk, maar als ze samen optrekken versterken ze elkaar. Dan vergaar je snel nieuwe inzichten, gedeelde knelpunten in de omgeving en gezamenlijke wensen.” Annemieke geeft het verbeteren van een fietsnetwerk als voorbeeld. “Veel overheden investeren daarin, maar als ze niet in gesprek gaan met werkgevers die aan dat fietsnet liggen, blijft die infrastructuur onderbenut. Wij verbinden die twee. Zodra werkgevers hun fietsbeleid aanpassen en meer mensen op de fiets komen, betaalt die investering zich pas echt terug.” Bereikbaarheid realiseer je immers samen, en komt niet slechts één persoon of werkgever ten goede.

Mobiliteit van medewerkers in beeld krijgen

Gedrag veranderen begint met weten wat er nu gebeurt. Veel bedrijven hebben het mobiliteitsgedrag van hun werknemers nog niet zo’n scherp in beeld, terwijl dat precies het vertrekpunt is. “Er zijn verschillende tools beschikbaar waarmee je precies ziet hoe medewerkers naar het werk reizen”, weet Annemieke. “Zodra je die informatie hebt, kun je als werkgever je beleid aanpassen en kunnen overheden gericht bijdragen, bijvoorbeeld met deelfietsen op de juiste plek.” Om hierbij te helpen zijn mobiliteitsmakelaars beschikbaar die scans doen en advies geven. Rosa: “Vanaf september gaan we volledig van start, dan kunnen we echt gaan schalen." Annemieke: “Over een jaar hopen we met vele werkgevers samen te werken. Niet om ze te vertellen wat ze moeten doen, maar omdat we dan samen kunnen zien waar het vastloopt en wat er nodig is. Dat lukt alleen als we de taal van de ondernemers spreken en snappen wat er in een organisatie speelt.”

Verschillende redenen om aan de slag te gaan

Rosa en Annemieke merken dat er om allerlei redenen groeiende interesse is vanuit werkgevers om aan de slag te gaan met de verbetering van bereikbaarheid. “Bij het ene bedrijf gaat het om vitaliteit en duurzame inzetbaarheid, een ander is vooral financieel gemotiveerd omdat mobiliteit een enorme kostenpost kan zijn”, zo somt Annemieke op, “en weer andere bedrijven willen graag in een sector werken waar ze een keurmerk kunnen halen, bijvoorbeeld op CO2-reductie.” Dat werkgevers om zulke verschillende redenen aankloppen, is geen probleem. Het is juist de kracht van de aanpak. Of het nu gaat om lagere mobiliteitskosten, CO2-reductie of vitale medewerkers, de uitkomst voor het netwerk is hetzelfde: minder druk op de spits. Wat daarvoor nodig is, is niet alleen de inzet van werkgevers. “Het vraagt ook continuïteit aan overheidskant: vaste contacten per gebied, korte lijnen en de ruimte om maatwerk te leveren”, benadrukken Annemieke en Rosa. “Dát is waar de nieuwe werkgeversaanpak voor staat.”